donderdag 26 juni 2008

Hebron - Een verhaal apart


Gisteren ben ik met een groepje mensen van het Alternative Information Center in Bethlehem afgereisd naar Hebron, om daar de nacht door te brengen in een aantal weeshuizen om deze te beschermen tegen het Israelische leger. Hebron is anders, erger... werkelijk gestoord, zelfs voor Palestijnse maatstaven.

Hebron is een Palestijnse stad met ongeveer 170.000 Palestijnse inwoners en daarnaast wonen er een paar honderd joodse kolonisten (settlers) die de oude stad van Hebron zijn binnen gedrongen en daar sindsdien het leven van de Palestijnen die daar wonen (of helaas in veel gevallen: woonden) onmogelijk maken.
Rond het gebied waar de settlers zich bevinden is er een grote aanwezigheid van Israelische soldaten, die cynisch genoeg daar zijn om de settlers te beschermen. Elke jood die in de bezette gebieden woont heeft volgens Israel het recht zich te bewapenen en dit is dan ook wat de zeer aggressieve settlers in Hebron massaal doen. Het is toch van de gekke dat iemand die tot zijn tanden toe gewapend is militaire bescherming krijgt tegen een aantal machteloze, ongewapende en vooral ook onbeschermde Palestijnse BURGERS...
Niet alleen zijn de settlers in Hebron gewapend, maar eigenlijk erger nog... ze zijn compleet gestoord. In Hebron zitten de meest fanatieke, de meest aggressieve en de meest gewelddadige settlers die je kan vinden. En geloof me.... ik kan het weten, want ik heb het aan den lijve ondervonden.

Na de nacht in het weeshuis (waarover later meer) wilden we met zijn vijfen graag nog even de oude stad zien. Sarah was hier veel vaker geweest en bood aan ons een korte tour te geven. De tour begon bij de internationaal meest bekende straat van Hebron: de Palestijnse winkelstraat die over is genomen door de settlers en waar nu nog slechts een aantal Palestijnse families proberen te leven. Alle winkels zijn sindsdien gesloten en de meeste mensen die daar woonden en werkten zijn vertrokken. Voor de overblijvers is het een hard bestaan met dagelijks problemen en gewelddadige, vernederende aanvaringen met de settlers, onder toeziend oog van het Israelische leger. Aan het begin van de straat is er Israelisch checkpoint waar we met niet al te veel problemen door heen kwamen. De straat zelf zag er verschrikkelijk luguber uit. Doodstil, gesloten deuren, ingegooide ruiten, israelische vlaggen, racistische graffiti. Veel van de ramen in de straat zitten achter een soort van kooien om ze te beschermen tegen de stenen (en andere gevaarlijke en soms ook smerige dingen) die de settlers gooien om de Palestijnen uit hun huizen te jagen.

Aan het einde van de straat begonnen de problemen. Uit het niets doemden opeens settlers op, die zodra ze ons zagen hun foto en videocamera's er bij pakten om ons te fotograferen. De reden? Waarschijnlijk voornamelijk intimidatie, maar ze schijnen ook profielen aan te maken op internet van iedereen die ze vastleggen en die onder de settler beweging te verspreiden.
Onze eerste reactie was hen terug te filmen; wat zij kunnen, kunnen wij ook. Maar al snel begon het uit de hand te lopen, de settlers bleken meteen allerlei andere mensen gebeld te hebben die al snel kwamen aangereden met hun flitsende camera's. Op dat moment kwam ook het leger ons lastig vallen. Soldaten vertelden ons dat wij geen toestemming hadden om in deze straat te lopen. Sarah begon meteen uit te leggen dat zij hier al tientallen keren door heen was gelopen zonder problemen en dat we bovendien het recht hadden om hier te lopen. Lege woorden voor de soldaat. Al gauw kwamen er heel veel andere soldaten aangelopen en er begon een heftige welles-nietes discussie tussen Sarah en de soldaten. Op hetzelfde moment waren de irritante settlers nog steeds bezig met ons lastig te vallen en foto's en video's te maken. In ons groepje bevond zich een Nederlands moslim meisje van Marokkaanse afkomst. Vanwege haar hoofddoek en daardoor (waarschijnlijk) Palestijns voorkomen was zij al gauw het doelwit van alle settlers, de rest was niet zo heel interessant meer. Zij probeerde haar gezicht te bedekken met haar hoofddoek, maar de settlers bleven gewoon door gaan en kwamen angstvallig dichterbij (je moet natuurlijk beseffen dat ook deze freaks gewapend waren). Ondertussen was er een auto gestopt met daarin internationale 'observers' die de boel kwamen observeren en heel veel foto's maakten. Helaas konden ze zich niet in de situatie mengen omdat ze neutraal moesten blijven.
Aliyaa, het Marokkaanse meisje, werd ondertussen heftig geintimideerd door de settlers, die nu ook ontzettend beledigende en racistische opmerkingen naar haar maakten. Ik wil niet alles herhalen, maar ze werd met veel dieren vergeleken en ze noemden haar Talibaan. Het leger was druk in discussie met onze meest felle groepsgenoten en keek niet echt om naar wat er met Aliyaa gebeurde. Om haar te beschermen besloot ik met een ander Nederlands meisje voor haar te gaan staan en haar tussen ons in te laten knielen, zodat ze haar niet konden filmen. Tegelijkertijd probeerden ze ons zwaar te provoceren door verschrikkelijk vernederende opmerkingen te maken. We besloten alleen nog Nederlands te praten en vooral hard te lachen om deze kinderachtige en zieke mensen. Het had al snel effect, we gaven niet de reactie die ze wilden en ze lieten ons (eventjes althans) met rust. Ondertussen was er een verschrikkelijk aggressieve en gestoorde settler vrouw aan komen lopen. Ze begon tegen iedereen in het Hebreeuws te schreeuwen en te tieren en haalde al vrij snel uit naar een meisje uit onze groep die een camera in haar hand had. Ze raakte haar vol in het gezicht. Op dat moment grepen de soldaten een klein beetje in, ze haalden de vrouw bij het meisje vandaan, maar niet echt meer dan een meter of twee. De soldaten bleken niet in staat op te treden tegen deze aggressieve mensen. Alleen als ze echt fysiek geweld gebruikten ondernamen ze iets, maar niet om te voorkomen dat deze mensen geweld zouden gaan gebruiken.
Het interessante was dat je in hun gezicht hun dilemma zag. Ik voelde ook dat ze sympathie voor ons hadden en deze situatie helemaal niet wilden. Ze vertelden mij dat deze straat alleen voor joodse mensen was en op het moment dat ik vroeg of ze niet vonden dat dat racistisch was, moesten ze eigenlijk een beetje beschaamd lachen. Je voelde dat ze het diep van binnen met je eens waren, maar het niet konden uitspreken. Een van de soldaten vertelden aan een van ons dat hij de eerste maand dat hij in Hebron gestationeerd was elke avond heeft gehuild van al het onrecht hier en dat we niet moeten praten over 'recht hebben op dit of dat' omdat dat hier gewoon niet geldt.
Tegelijkertijd ben ik verontwaardigd dat ze niks deden, dat ze de settlers niet eens vroegen om weg te gaan. Het heeft gewoon allemaal te maken met het systeem. De soldaten zijn slechts zo'n kleine schakel in een heel machtig systeem. De settlers hebben politiek heel veel invloed en de soldaten zouden waarschijnlijk erg in de problemen komen als ze ook maar een klein beetje 'te ver' zouden gaan tegen de settlers. Een erg gevoelig onderwerp in Israel, een beetje zoals Geert Wilders en zijn onderwerpen bij ons. De observers hebben ons bovendien achteraf verteld dat de soldaten normaal gesproken zelfs op een paar meter afstand staan toe te kijken. In ons geval stonden ze er tussen. Aan dit soort kleine dingen merk je wel dat ze alles deden wat in hun ogen mogelijk was.... alleen in mijn ogen was er meer mogelijk, maar ja..
Ondertussen was de aggressieve vrouw (trouwens ook met hoofddoek! Aliyaa werd racistisch benaderd voor het dragen van religieuze kleding, terwijl deze mensen precies hetzelfde doen) niet meer te stuiten, ook de 'filmcrew' deed nog druk allerlei pogingen en de situatie werd steeds benarder. De soldaten vertelden ons dat we deze straat moesten verlaten en terug naar het checkpoint moesten gaan. Op dat moment hadden we allemaal echt zoiets van 'we willen hier niet eens meer zijn'. Maar we waren er nog niet uit.. eerst moeten we nog heel de straat door, op de voet gevolgd door die zieke mensen die van geen ophouden wisten. Terwijl we Aliyaa (die nog steeds haar gezicht bedekte) over straat probeerden te begeleiden richting het checkpoint, ondernam de settler vrouw meerdere pogingen om Aliyaa aan te vallen. Met geweld stortte ze zich meerdere malen op ons. Ze heeft mij op een gegeven keihard in mijn zij geknepen, maar alleen omdat ik Aliyaa beschermde... het was uiteraard voor haar bedoeld. Het was zo eng om deze vrouw telkens op een paar meter afstand ons te zien volgen, niet wetende wanneer ze weer een vlaag van verstandsverbijstering zou hebben. Het leek wel een honsdolle hond, waarvan je ook niet weet of hij je zal bijten. De soldaten volgden haar vriendelijk, om haar zo nu en dan met een zacht duwtje in de rug een meter aan de kant te sturen. Het trieste is dat ik vaak moest schreeuwen om hun hulp om die gekke vrouw bij ons weg te krijgen. Het was zo ontzettend bizar om de haat en het racisme in de ogen van deze mensen te zien, je kon het gewoon voelen als je ze alleen al aankeek.
Uiteindelijk kwamen we aan bij het checkpoint waar ook de Israelische politie gearriveerd was. Deze wuifden ons verhaal ongeveer op dezelfde manier opzij als de soldaten hadden gedaan. Rechten? Ze leken er lachend hun neus voor op te halen. In plaats daarvan dwongen ze ons onze paspoorten af te staan, zodat ze onze precieze gegevens konden noteren, alsof wij de problemen hadden veroorzaakt. Uiteraard konden ook hier geen felle protesten over rechten tegenop. Ze hadden het recht niet om dit te doen, maar zoals altijd wel de macht en wij stonden machteloos onze paspoorten af. Het is niet te hopen dat we hierdoor op het vliegveld in de problemen komen. De politie beloofde ons van niet, maar hun woord neem ik niet al te serieus.
Aliyaa en onze meest felle betogers wilden met de politie mee om een aanklacht in te dienen. Naderhand vertelde Aliyaa mij dat op weg naar het politiebureau de agenten hadden gezegd dat ze het aan zichzelf te wijten had gehad door dit soort kleren te dragen. Op het bureau was de politie niet al te dienstbaar om er echt een zaak van te maken. Uiteindelijk zal het niet heel veel resultaat hebben. De internationale observers van het TIPH waren wel behulpzamer en gaan een uitgebreid rapport over dit incident schrijven, daarnaast hebben ze honderd foto's gemaakt. Ze vertelden ons dat dit soort incidenten vaak gebeuren, maar bijna nooit met 'internationals'. Waarschijnlijk is ons dit alleen maar overkomen omdat we in het gezelschap waren van een moslima. Het enige dat we nu kunnen doen is te hopen dat het rapport over deze zaak gelezen gaat worden en enige invloed kan uitoefenen op Westerse regeringen. Waarschijnlijk zullen ze door onze zaak meer geraakt worden omdat wij geen Palestijnen zijn... zo gaan dit soort dingen helaas. Als het Palestijnen overkomt is er vaak geen haan die er naar kraait.
Het ironische is dat we op onze tour door de oude stad nog geen straat ver zijn gekomen... maar desondanks hebben we toch alles gezien. In 'a nutshell' hebben we een goed idee kunnen krijgen van hoe zwaar het moet zijn voor gewone Palestijnen om tussen deze extreem racistische mensen te moeten overleven en continu vernederd te worden. Er gaan zoveel verhalen ook over settlers die Palestijnse kleine kinderen bekogelen met stenen of uitwerpselen.
Al met al was het een verschrikkelijke, maar ontzettend nuttige en interessante ervaring. Je kan erover lezen of documentaires over bekijken, je kan met mensen praten die nare ervaringen hebben hiermee, maar toch als je hetzelf meemaakt is het zo anders. De impact is zo ontzettend groot, de adrenaline die door je heen gaat. Het oog in oog staan met iemand met zoveel haat... het gaat je allemaal niet in de koude kleren zitten...to say the least!

dinsdag 24 juni 2008

Vrede op aarde??









Als je aan Bethlehem denkt, denk je aan het christelijk geloof, Jezus, vrede op aarde, de andere wang, kortom: een rustig vredelievend plaatsje.
Nu ik hier een tijdje ben zie ik heel goed het dubbele gezicht van Bethlehem, aan de ene kant heb je het beeld van de vredesduif. Het barst hier van de christelijke organisaties, vredesorganisaties, culturele centra's en ga zo maar door. Busladingen toeristen komen elke dag door het checkpoint om de geboortekerk te bezoeken en de plek te zoenen waar Jezus zou zijn geboren.
Aan de andere kant heb je het beeld van het verzet. Het barst hier namelijk ook van de vlaggen, (PA) militairen, protest uitingen, graffiti, allemaal uitingen van de Palestijnse strijd.
Dit is het beeld wat dezelfde toeristen niet of amper te zien krijgen. Ze komen met de bus via het checkpoint, waar ze (zonodig) gewaarschuwd worden meteen dezelfde dag weer terug te keren en niet in Palestijns gebied te verblijven omdat het zo gevaarlijk is. Ze gaan de bus uit, bezoeken de kerk, kopen eventueel nog een souvenirtje onderweg, maar gaan dan linea recta de bus weer in en verlaten de bezette gebieden zonder waarschijnlijk ook maar 1 Palestijn ontmoet of gesproken te hebben.
De muur zien ze waarschijnlijk alleen bij het in en uitgaan van het gebied, maar ik betwijfel of de meeste toeristen de muur echt zien, zoals die is... Hoeveel mensen zouden werkelijk de moeite doen om te realiseren wat deze muur betekent voor de mensen in Bethlehem en de rest van de Westbank? De meesten zullen geen moeite doen om de verhalen te horen van mensen waarvan het leven verwoest is door de komst van de muur.
Dezelfde muur heeft de afstand tussen de toerist en de Palestijnse bevolking vergroot. Voor de komst van de muur had Bethlehem een redelijk goed lopende toeristische sector. Sinds de bouw van de muur blijven de hotels leeg. Behalve de christelijke attracties zien de toeristen erg weinig van Bethlehem en het gemoedelijke Palestijnse leven hier. De muur en de bezetting hebben het toerisme (en dus een van de belangrijkste inkomstenbronnen hier!) hier zo goed als de nek om gedaan. Economisch gezien is de situatie erg slecht hier. Veel mensen zijn werkeloos geraakt omdat ze voor de bouw van de muur in Jeruzalem werkten en nu geen vergunning kunnen krijgen om naar Jeruzalem te gaan. De wanhoop hier is goed merkbaar, ik zou zelfs durven zeggen beter voelbaar dan in Ramallah. Ramallah is dan ook nooit zo afhankelijk geweest van toerisme en ligt niet zo dicht bij de muur als Bethlehem.
Het is ook hier in Bethlehem dat ik voor het eerst echt geconfronteerd ben met de zware mentale impact van de bezetting. Tot nu toe waren de meeste mensen die ik heb ontmoet erg sterk, taai en strijdbaar... of juist in veel gevallen onverschillig en cynisch. Maar hier heb ik een aantal mensen ontmoet waarvan je ziet en weet dat ze kapot zijn gemaakt door de bezetting.
Gisteren was ik met Eddy (van mijn gastgezin) bij familie van hem in Aida vluchtelingenkamp, vlak naast de muur. Als er onrusten en opstanden zijn, zijn de vluchtelingenkampen altijd de eerste plekken waar het Israelische leger keihard ingrijpt omdat het zoals zij zeggen 'broeinesten van terroristen' zijn. Terroristen heb ik niet gezien, wel heel veel ontzettend nieuwsgierige en brutale kinderen die op straat speelden met het weinige wat ze hadden.
De familie die wij in het kamp bezochten, bleek in de afgelopen jaren tijdens de Intifada ontzettend geleden te hebben. Hun dagelijkse realiteit was het Israelische leger, geweld, opstanden, meer geweld, maar ook intimidaties van hun islamitische buren omdat hun moeder te sexy gekleed ging in hun ogen. Uiteindelijk hebben mensen in het kamp hun huis in brand gestoken om die reden. Ook de vele keren dat Israel de 'avondklok' instelde en de Palestijnse mensen hun huizen niet mochten verlaten voor weken achter elkaar is hen niet in de koude kleren gaan zitten. Het woord avondklok is een erg ironische vertaling van het woord curfew, want het was slechts een paar uur per week toegestaan om de straat op te gaan om inkopen te doen. Tijdens de curfews heeft het Israelische leger verschrikkelijk huisgehouden, vele invallen gedaan en onder andere de familie die ik ontmoet heb verschrikkelijk vernederd.
De oudste dochter van het gezin (24 jaar oud) heeft nu serieuze psychische problemen en lijdt onder ernstig overgewicht. Eddy vertelde dat ze de gebeurtenissen van de intifada nooit helemaal te boven is gekomen en nu geobsedeerd is door vrouwen die in haar ogen wel mooi, succesvol, slim zijn, mannen kunnen krijgen en mogelijkheden hebben om alles te doen wat ze willen. Hoewel ze heel aardig was tegen mij, voelde ik me erg onprettig in haar nabijheid... haar jaloezie, frustratie en wanhoop waren bijna tastbaar. Het is erg pijnlijk om te beseffen dat het conflict en de onderdrukking haar hebben gebroken..
Voor mij is het erg bizar om tegelijkertijd geconfronteerd te worden met de wanhoop van de mensen hier en daarnaast al die verschrikkelijk idealistische vredesorganisaties hier te zien. Op de een of andere manier vind ik het schokkend dat deze liefdadigheidsinstellingen hier komen om de Palestijnen te vertellen dat ze vredelievend moeten zijn en blablabla.
Zoals ik al zei is het gezicht van Bethlehem tweeledig.... Verzoening vs. Verzet. In de afgelopen dagen heb ik de spanning gemerkt die er tussen deze twee principes bestaat.
De moeder van het gastgezin heeft me op sleeptouw genomen naar allerlei vrouwengroepjes en culturele centra en sociale bijeenkomsten. Bij deze evenementen heb ik stuk voor stuk geweldige vrouwen ontmoet, die erg vrolijk en energiek in het leven staan.
Op een van de bijeenkomsten in het vrouwencentrum WIAM hebben we een film gekeken over verzoening en geweldloos verzet tegen de Israelische bezetting. De film volgde een Palestijnse man die het contact aan gaat met allerlei Israelische mensen. Begrijp me niet verkeerd, ik vind het erg nobel van deze man dat hij dit doet. Maar erg realistisch vind ik het niet en ik vind het zelfs behoorlijk pervers om van Palestijnse mensen te wensen dat ze hun verzet op geven en de dialoog aan gaan met Israelische mensen. Verzoening is erg ' mooi' natuurlijk, maar het mist totaal de kern van het probleem en het gaat in deze situatie uit van een totaal verkeerde volgorde. Verzoening is erg nuttig in conflict situaties waar twee volkeren elkaar hebben bevochten en waar veel onderlinge haat en angst voor elkaar heerst. Daarnaast is het compleet onzinnig om over verzoening te spreken voordat er uberhaupt vrede en rechtvaardigheid is.
Zoals ik al eerder heb geprobeerd te laten zien is dit niet een conflict tussen Israeliers en Palestijnen over een stuk land of wat dan ook. Dit conflict is gebaseerd op onderdrukking, apartheid en het verzet hiertegen. Je kan niet verwachten van een Palestijn dat hij zijn verzet tegen de onderdrukking op geeft en gezellig om de tafel gaat zitten met een Israelier om nader tot elkaar te komen. In mijn ogen heeft een Palestijn als mens recht zich te verzetten tegen de bezetting. Sterker zelfs; dat zou de absolute prioriteit moeten zijn van elke Palestijn.
Verzet dus... voor veel mensen in het Westen moeilijk te accepteren (heel hypocriet, kijk naar onze houding ten opzichte van ons eigen verzet in WOII). Vaak is geweldloosheid de enige voorwaarde waarop we het Palestijnse verzet zouden kunnen accepteren. Geweldloos verzet is dat geen prachtig concept.... onze harten lopen er warm voor in het Westen. Het heeft na verzoening de absolute x-factor. Hoe mooi zou het zijn als Palestijnen het terrorisme op zouden geven en zichzelf geweldloos zouden laten horen. Gandhi, Martin Luther King, protestmarsen, petities en weet ik wat nog meer. Als die barbaren in Palestina nou toch eens de kracht hiervan zouden in kunnen zien.
Op dit soort flauwekul heb ik twee dingen te zeggen. Ten eerste wil ik benadrukken dat wij in Nederland totaal geen idee hebben van hoeveel geweldloos verzet er in de Palestijnse gebieden is. Er zijn duizenden initiatieven, acties, demonstraties, organisaties, noem maar op. Ik zou op basis van mijn eigen ervaring durven zeggen dat (op dit moment althans) ongeveer 90% van het verzet geweldloos is. Ten tweede is het ongelovelijk triest dat Israel allesbehalve geweldloos reageert op dit soort initiatieven. Hoe kun je in godsnaam van een volk verwachten geweld op te geven als elke geweldloze actie op zijn minst wordt tegengewerkt en op zijn ergst met disproportioneel geweld wordt beantwoord? We verwachten van de Palestijnen het geweld af te zweren, maar tegelijkertijd zijn we niet bereid naar hen te luisteren als ze geen geweld gebruiken. Vorig jaar wilde een van de leiders van Hamas naar Nederland komen voor een conferentie over Palestina. Een erg geweldloos initiatief zo lijkt me althans. Zijn visum werd geweigerd door Maxime Verhagen omdat hij lid was van een terroristische organisatie. Door op deze manier alle geweldloze activiteiten van dit soort figuren de grond in te boren, stimuleer je alleen maar hun toevlucht tot zinloos geweld. Als de Palestijnen niet wordt toegestaan zich geweldloos te verzetten dan blijven er voor hen weinig andere opties over dan geweld te gebruiken. Ik wil het geweld absoluut niet romantiseren of goedkeuren, maar probeer eens in te denken wat het doet met als je mens als je zo ontzettend veel frustratie en vernedering ervaart en je met gebonden hand met je rug tegen de muur staat. De wanhoop hier geeft zelfs mij als buitenstaander zo ontzettend veel frustratie... mijn zinloze actie bij het checkpoint was voor mij persoonlijk zo'n opluchting. Eindelijk kon ik mijn frustratie over dit conflict uiten en kenbaar maken. Ik weet zeker dat heel veel mensen en vooral jongeren in Nederland toevlucht zouden nemen tot geweld om hun frustratie te uiten als ze in een soortgelijke situatie zouden leven. Kijk alleen maar naar al het geweld bij voetbal wedstrijden en tijdens het uitgaan dat veel jongeren vertonen als ze teveel gedronken hebben.
Vrede op aarde is een mooi idee en zeker nastrevenswaardig, alleen niet realistisch. Je kan niet van mensen in deze situatie hier verwachten dat ze zich toewijden aan dit concept, terwijl ze geconfronteerd worden met zoveel geweld en wanhoop.

donderdag 19 juni 2008

De wereldreis naar Bethlehem

Deze week ben ik vanuit Ramallah naar Bethlehem vertrokken. In normale omstandigheden erg nabijgelegen steden. De 'driehoek' Jeruzalem, Ramallah, Bethlehem is zo'n beetje de Palestijnse randstad. Het economisch hart van de Westbank en een toekomstige Palestijnse staat. Ware het niet dat de bezetting, de checkpoints en vooral ook de muur dit economische hart ernstig schade toebrengen.... to say the least. Wie realistisch is weet natuurlijk dat dit niet slechts een gevolg is van de muur, maar het doel op zichzelf. Israel wil voorkomen dat de Palestijnen ooit een levensvatbare Palestijnse staat stichten en daarom doet het er alles aan om alle handel, elke economische activiteit de grond in te boren. Tot nu toe met aanzienlijk succes. Schokkend? Ja. Cynisch? Erg. Politiek incorrect? Absoluut, maar daarom niet minder waar.
Ik besef ook wel dat mijn stukjes en mijn mening voor velen van jullie in Nederland erg shockerend kunnen zijn en erg radicaal kunnen overkomen. Ik begeef me natuurlijk continu op glad ijs omdat ik de grenzen van het politiek correcte niet schuw. Iedereen heeft natuurlijk recht op zijn eigen mening hierover, maar het enige wat ik echt zou willen is dat mensen wat meer moeite doen om die mening ook echt op gegronde informatie te baseren.
De situatie hier is alles behalve in balans. De ongelijkheid is zo ontzettend groot dat je niet objectief kan zijn over dit conflict. Bij het zien van zoveel menselijk lijden kan je als mens (met het hart op de juiste plaats) moeilijk onbewogen en afzijdig blijven, althans zo denk ik erover.
Het enige wat ik kan doen is mijn ervaringen delen die mijn mening ondersteunen.
Mijn reis naar Bethlehem is hier een perfect voorbeeld van. Bethlehem ligt ongeveer een kilometer of 25 van Ramallah vandaan, maar om er te komen via de Palestijnse route is een hele onderneming (natuurlijk kan je als westerling via wegen die niet toegankelijk zijn voor Palestijnen, maar dat heb ik niet gedaan). De reis neemt je mee langs alle facetten van de bezetting en geeft je een goed idee van zijn lelijke gezicht.
Een punt van commentaar vooraf: deze bezetting is niet te vergelijken met andere situaties van bezetting. Deze bezetting duurt nu al meer dan 40 jaar en het karakter is niet tijdelijk, zoals bij de meeste gevallen van bezetting. Het doel van deze bezetting is om de ziel en ' spirit' van de Palestijnse mensen te breken, zodat ze uiteindelijk op zullen geven en het land zullen verlaten. Israel vindt dat het een historisch, religieus en exclusief recht heeft op het land.
Als je dit weet kijk je heel anders naar de aspecten van de bezetting. De checkpoints, de nederzettingen, de wegen waar alleen Israelis op mogen (ookal liggen ze in Palestijns gebied; de zogenaamde bypass roads).
Vooral de nederzettingen zijn een doorn in het oog en emotioneel erg heftig om te zien. Deze Israelis bouwsels op Palestijns land zijn niet zomaar lukraak ergens gebouwd, maar liggen op strategische punten. De meeste bevinden zich bovenop heuvels, net zoals kastelen in de middeleeuwen, om het overzicht op het dal te hebben. De nederzettingen zelf zien er ook uit als nederzettingen (danwel vestingen of burchten); de bouwstijl heeft iets imposants en intimiderends. Het zijn niet de meest nederige stulpjes.
Rond de nederzettingen is de natuur groen en zijn de wegen perfect. Als je doorrijdt en in Palestijns leefgebied komt kan je je niet voorstellen dat deze gebieden naast elkaar liggen. 1 min rijden en het is een wereld van verschil. De wegen zijn slecht en worden amper onderhouden. De wegen lijken alleen goed te worden onderhouden als er de kans bestaat dat Israelis de weg ook gebruiken. Maar zodra die kans niet aanwezig is worden de weggetjes smal, steil en moeilijk begaanbaar. Naast de checkpoints en omleidingen die de Palestijnen moeten maken is dit een andere reden waarom reizen door Palestijns gebied zo ongelovelijk lang duurt.
Voor een nieuwsgierige toerist als ik niet echt een probleem, want haast heb ik hier niet echt. Maar voor mensen die dit elke dag moeten doen een erg frustrerende aangelegenheid. In het bijzonder voor mensen die een bedrijf proberen te runnen, wat zoals ik al zei door deze bezetting 'zo onmogelijk mogelijk' wordt gemaakt. Er zijn talloze verhalen van personen die met een vracht sinaasappels (of wat dan ook) vanwege 'veiligheidsredenen' niet door het checkpoint mochten voor een aantal dagen (om zo hun oogst te kunnen verkopen). Toen zij er uiteindelijk wel door heen mochten was hun oogst bedorven: tel uit je winst...
Reizen is niet makkelijk en een bron van irritatie, maar het ironische is dat het vaak een luxe is voor de gewone Palestijn. Zoals ik al zei is het een vernedering om lopend door Qalandia heen te moeten, maar stel je voor dat de meeste Palestijnen er alles voor zouden doen om uberhaupt toestemming te hebben om dit checkpoint door te gaan en deze vernedering te doorstaan. De meeste mensen in Ramallah bijvoorbeeld zijn al jaren niet in Jeruzalem geweest, terwijl Jeruzalem eerst hooguit 10 minuutjes rijden was. Een beetje zoals Amstelveen, Amsterdam. Stel je voor dat je in Amstelveen woont en je al jaren niet meer in Amsterdam bent geweest, terwijl je daar eerst altijd kwam om te winkelen of wat dan ook.
Hoe kan je hier objectief over berichten? Hoe kan je objectief berichten over twee kleine kinderen van 4 en 7 jaar oud die in de bus bij Qalandia checkpoint door een soldaat met geweer worden gecontroleerd en ondervraagd? Kleine kinderen die hun eigen 'papieren' bij zich moeten dragen en worden behandeld als veiligheidsrisico's (lees: criminelen) en die leven met de realiteit van bezetting, soldaten, vernedering en geweld. Het is te walgelijk voor woorden.
Je kan niet recht buigen wat krom is...

zondag 15 juni 2008

The Sweet Taste of Revenge!













Gisteren moest ik weer langs Qalandia checkpoint. Tijd voor revenge. Uiteindelijk is het me gelukt om alle foto's en filmpjes die ik moest deleten, van de soldaten bij het checkpoint, op nieuw te maken. Precies zoals ik ze zo plechtig beloofd had.

Op de foto's hierboven zie je de muur aan de 'Palestijnse' kant van de muur (dit is niet helemaal correct natuurlijk, omdat de muur op Palestijns land gebouwd is en op deze manier soms zelfs Palestijnse dorpjes opsplitst in twee gedeelten).

Hier nog wat 'leuke' wetenswaardigheidjes over de muur, rechtsstreeks uit de Lonely Planet geplukt:

Lengte 680 km = 2x de lengte van de groene lijn (de internationaal erkende verdelingslijn tussen Israel en de Palestijnse gebieden) en (hou je vast) 3x de lengte van de Berlijnse Muur. Daarnaast was de Berlijnse muur maar 4 meter hoog en de Israelische muur is op sommige plekken wel 8 meter hoog.

80% van de muur ligt in Palestijnse gebied en gaat over Palestijnse grond... waar huizen, landbouwgrond, gewassen, olijfbomen, en natuurlijk vooral mensen voor hebben moeten wijken.

Het aantal Palestijnse mensen dat door de bouw van de muur buiten Palestijns gebied komt te wonen, dus tussen de muur en de groene lijn is 242.000 mensen.

280.000 mensen worden door de muur van hun land gescheiden, dat is 12% van de totale Palestijnse bevolking.

Door de muur blijft uiteindelijk 12% van historisch Palestina over om voor Palestijnen in te wonen. Voor 1948 bewoonden de Palestijnen meer dan 90% van het land. De andere 88% heeft Israel uiteindelijk weten toe te eigenen, terwijl joodse mensen in 1946 slechts 7% van het land bezaten.

Daarnaast zie je op de foto's de wachttorens van Qalandia checkpoint. Op een van de foto's krijg je een goed beeld van hoe de auto's voor het checkpoint staan te wachten tot ze er door mogen.
Maar dat is nog een luxe als je het vergelijkt hoe de gemiddelde Westbank Palestijn door het checkpoint moet. Dat heb ik vandaag geprobeerd. Ik was met een aantal Palestijnen in de bus van Ramallah naar Jeruzalem. Ik kon in principe blijven zitten in de bus vanwege mijn Nederlandse paspoort, maar: samen uit samen thuis.
Ik ben met hen lopend door het checkpoint gegaan en dat is echt een andere ervaring. Als je je al als beest behandeld voelde terwijl je lekker op je gemak in het busje kon blijven zitten, dan is dit helemaal bij de konijnen af. De associatie met vee is snel gemaakt, omdat je door allerlei draaihekken moet lopen. Een voor een word je toegelaten en word je paspoort en je bagage gecontroleerd. Op zich geen probleem als de soldaten geen capriolen uit halen, maar vaak (en zo ook vandaag) vinden ze het leuk om gewoon een tijdje niemand door te laten en dan sta je dus met een kudde mensen vragend voor het hek te wachten als een kudde vee dat naar de stal wil om gevoerd te worden. Leuke taferelen ontstaan ook als zo'n soldaat in het hebreeuws commando's geeft aan een oud vrouwtje dat die taal niet verstaat. Gelukkig is er uiteindelijk altijd wel iemand die het vertaalt.
Maar nu genoeg erover, als ik er aan terug denk heb ik er echt even geen woorden voor... de vernedering als je dit elke dag zou moeten doen om je dagelijks leven te kunnen leiden, naar school, naar werk, naar vrienden, familie (als je al de toestemming krijgt van de Israelis om het checkpoint door te mogen, dat is een heel ander verhaal waar ik volgende keer wel over vertel. Stof voor schrijnende verhalen genoeg hier in bezet gebied).

vrijdag 13 juni 2008

Je vais ce que je veux

Het leven in bezet gebied lijkt soms verdacht veel op het leven in normale omstandigheden. Je staat niet heel de dag stil bij de bezetting en zeker hier in Ramallah, waar de Palestijnse Autoriteit zogezegd de dienst uitmaakt wordt je er niet al te veel mee geconfronteerd. ’s Ochtends sta je op, je doucht, ontbijt... de regular stuff. Een normaal begin van een normale dag. Zeker voor mij als westerling in een hypermodern appartement. De enige zorgen die ik op dat moment heb gaan over wat voor kleren ik aan moet trekken. Gisterochtend op goed geluk een shirt uit mijn koffer geplukt met de tekst ‘je vais ce que je veux (ik doe hetgeen ik wil), de ironie van deze woorden in een bezet land drong op dat vroege uur nog niet tot me door. Little had I known...
Ik had haast en moest naar Jeruzalem voor een afspraak met Conny Mus van RTL 4. Jeruzalem ligt natuurlijk buiten het gebied dat ingesloten is door de muur en dat betekent checkpoints. Als je vanuit Israel het gebied in komt kan je zo door rijden, maar het gebied uit is een ander verhaal. Ik was benieuwd wat me te wachten stond. Op sommige momenten kan je uren moeten wachten om er door heen te komen, maar over het algemeen hoort het niet al te lang te duren.
In het busje naar Jeruzalem ging ik naast het raampje zitten om zo door het open raampje wat foto’s en filmpjes van de omgeving te maken. Voordat we Qalandia checkpoint naderden doemde de muur al op, net als de Berlijnse muur een groot lelijk canvas voor het creatieve protest tegen de bezetting. De meest diverse teksten en afbeeldingen staan er op gekalkt. Waaronder een levensgrote tekst: CTRL – ALT – DELETE. Heel toepasselijk! Zelf vind ik dit soort creatieve projecten geweldig, zeker ook omdat ik soortgelijke plannen heb om kunst te gebruiken als protestmiddel om misstanden aan de kaak te stellen op een originele manier. Uiteraard kon ik het niet laten er een filmpje van te maken. Bij het checkpoint zelf stonden we een tijdje in de rij te wachten en heb ik een aantal filmpjes van de muur, de omgeving en het checkpoint gemaakt. Ik was zo druk bezig dat ik amper merkte dat de Palestijnse passagiers uit de Westbank waren uitgestapt omdat zij lopend het checkpoint door moeten. De internationale passagiers en natuurlijk de Israelis (hier onder vallen wel de Palestijnse Israelis) mogen lekker blijven zitten.
Toen het busje het checkpoint naderde maakte ik nog een laatste foto van de muur, met daarnaast een militaire wachttoren. Helaas kwam er net een soldaat uit de wachttoren gelopen die zag dat ik een foto maakte. Druk en autoritair gebarend alsof ik een of andere hond was die je commando’s kan geven, liet hij merken dat hij niet wilde dat ik dat deed. Ik haalde heel duidelijk en heel laconiek mijn schouders naar hem op. Ik laat me niet zo maar door hem intimideren. Bovendien was mij verteld dat je in principe gewoon foto’s mag nemen bij checkpoints. Alleen in het Israelische leger hebben ze niet zo veel met rechten, het enige recht wat ze nog nooit geschonden hebben is het recht van de sterkste. Ze denken dat ze met intimidatie en macht jou kunnen vertellen wat je moet doen en vaak komen ze er mee weg ook. Veel mensen weten niet precies wat hun rechten zijn en laten zich overbluffen. En zelfs als je het wel weet, zij hebben macht en schamen zich niet om die te misbruiken. Eieren voor je geld kiezen is vaak een makkelijkere oplossing dan in je recht te gaan staan en uren voor niks ondervraagd te worden door gefrustreerde soldaten.
Ondertussen was de soldaat naar de soldaten bij het checkpoint gelopen om te vertellen wat voor ‘misdaad’ ik had begaan (waarschijnlijk ook hoe onverschillig ik op hem had gereageerd, misschien als ik onderdanig had geknikt was er niks aan de hand geweest). Toen de soldaten het busje in kwamen werd er meerdere malen naar mij gewezen en al snel kwamen er twee soldaten naar me toe. Een jongen en een meisje van mijn leeftijd. Ze bevolen mij de foto die ik had gemaakt te laten zien en te wissen. Ik zei hen dat het niet verboden was foto’s te nemen, een discussie volgde. Ik wist dat het waarschijnlijk zinloos zou zijn om weerstand te bieden, maar er ging een knop in mij om die mij motiveerde om tot het uiterste te gaan. Ik weigerde de foto’s te wissen en zei dat ik wilde weten op welk recht zij zich beriepen, welke wet. Laat maar zien als het zo is, noem mij de wet en het artikel. Dat wisten ze uiteraard niet, omdat zoals ik net al zei niet het recht de richtlijn voor de handelingen van het Israelische leger is. In principe stonden ze met hun mond vol tanden, maar omdat zij macht hebben was de situatie iets anders en vertelden ze mij dat als ik niet naar hen wilde luisteren ik uit moest stappen en dat ik deze discussie dan met de politie kon gaan volgen. Een deel van mij was klaar om de strijd aan te gaan omdat ik wist dat ik mijn recht stond en me niet zomaar zo respectloos wilde laten behandelen. Maar vooral ook omdat ik hen wilde laten zien hoe oneens ik het ben met de onmenselijke manier waarop zij met de Palestijnse mensen omgaan en uit een soort van drang om hun werk als soldaten van het Israelische leger zo ellendig en frustrerend mogelijk te maken.
Maar mijn wat heldere kant herinnerde zich nog de afspraak met Conny en de langetermijn wens om ooit nog terug te keren in dit gebied. Als ik was uitgestapt en meegegaan naar de politie hadden ze me uiteindelijk niks kunnen maken en hadden ze alleen maar mijn tijd ernstig verspild. Maar waarschijnlijk hadden ze ook mijn gegvens geregistreerd, zodat ik misschien wel bij een volgend bezoek aan Israel de toegang tot het land ontzegd zou worden. Op dat moment kon ik niet heel precies inschatten waar de grens van het toelaatbare lag. Ik besloot strijdlustig eieren voor mijn geld te kiezen. Ik zei: Okay...don’t worry ik wis de foto’s wel, maar maak je geen zorgen, ik kom hier langs op de terugweg en dan zal ik precies dezelfde foto’s en opnames maken als die ik nu gewist heb. Zwaar geirriteerd vroeg de soldaat: Ah, you think you’re clever?! Blij dat ik me niet helemaal gewonnen had gegeven zei ik natuurlijk ja, ik vond het een hele creatieve oplossing van mezelf ;)
Ik wiste met enig protest alle foto’s die niet bij de soldaten in de smaak vielen. Waaronder ook foto’s van de muur aan de kant van de bezette gebieden. Ik vond dat ze daar geen zeggenschap over hadden omdat het binnen het gebied was, maar sowieso... dat hele afgrijselijke geval is van Israelische makelij dus ik begrijp niet dat ze er zo’n aversie tegen hebben, ze hebben het er zelf neergezet. Daarna moest ik al mijn foto’s laten zien die in mijn camera stonden. Dit ging mij echt te ver. Veel van de foto’s waren duidelijk in Nederland genomen, maar dat kon ze kennelijk niet overtuigen. Ik vroeg of ze nog nooit van het concept privacy hadden gehoord. De mannelijke soldaat zei dat hij zich dan wel terug zou trekken en dat ik ze alleen aan zijn vrouwelijke collega hoefde te laten zien. Kennelijk geldt mijn recht op privesfeer niet tegenover vrouwen.. Ik liet haar al mijn foto’s zien en op het laatst kreeg ze ook wel door hoe belachelijk ze bezig was, want net toen ik de smaak te pakken kreeg liep ze zonder wat te zeggen weg. Naast mijn raampje stond nog steeds de ‘fotogenieke’ soldaat mij imponerend aan te kijken, ik keek uit de hoogte terug en schudde meelijwekkend mijn hoofd. Ik voelde hoe frustrerend hij het vond dat ik zijn autoriteit niet zomaar respecteerde, zeker ook als westers meisje zijnde. Conny Mus vertelde me later dat ze dat het meeste haten; mondige westerlingen waar zij van denken dat het activisten zijn voor de Palestijnse kant. Dat kunnen ze niet uitstaan.
Uiteindelijk is deze hele actie natuurlijk totaal zinloos en lijkt in de verste verte nog geen eens op een druppel op de gloeiende plaat. En toch voelde het goed om te doen, al is het alleen maar voor mijn eigen gevoel van frustratie, van langs de zijlijn staan met je handen vastgebonden op je rug, dat ik soms ervaar. De illusie van iets bijgedragen te hebben is fijn, ookal heeft niemand er verder iets aan. Bovendien ben ik te westers.. niemand kan mij vertellen wat ik moet doen, een beetje dat tegendraadse arrogante idee. Je vais ce que je veux! En zo word je er dus weer aan herinnerd wat bezetting betekent en kom je er langzaam achter dat bepaalde westerse vaststaande waarden hier niet gelden. Hier doe je wat de politieke macht wilt (zeker als je Palestijns bent..). Mijn tshirt was toepasselijk voor mijn recalcitrante stemming die dag, maar het was misschien realistischer geweest als ik het helemaal niet meegnomen op deze reis.
Maar ook al weet ik dat er bijna niks gedaan kan worden, toch is iedere minieme actie bruikbaar. Als al die andere internationals in het busje hetzelfde zouden doen elke keer als ze bij een checkpoint kwamen. Een illusie, I know.... En toch vind ik dat wij als westerlingen dit eigenlijk wel zouden moeten doen. Juist omdat we westerlingen zijn zitten we in de luxepositie dat wij veel meer kunnen zeggen en veel meer kunnen doen zonder dat iemand ons iets kan maken. Wij zijn bijna ‘untouchables’. Zelfs als Israeli loop je heel veel risico omdat je een ‘onderdaan’van de staat Israel bent. Internationals kunnen in het gebied praktisch gaan en staan waar ze maar willen. De beperkingen die voor Palestijnen gelden, gelden in veel mindere mate voor ons. Van die ruimte zouden we gebruik moeten maken om de Palestijnen te helpen die die ruimte niet hebben.
Wat ik bij veel Palestijnen bovendien merk is dat zelfs als ze bepaalde ruimte hebben om tegen hun lot te protesteren dat ze die niet benutten omdat ze weten dat het geen zin heeft en omdat ze het niet meer kunnen opbrengen. Ze zijn conflict moe geworden. Veel mensen die ik spreek zeggen dat ze het allemaal niet meer zoveel kan schelen. Het welzijn van hun familie komt op de eerste plek, mensen hebben al lang geleden eieren voor hun geld gekozen. Meerdere malen is mij verteld dat mijn mond te groot is en dat ik voorzichtig moet zijn met wat ik zeg en tegen wie. Als je te kritisch bent, is het idee, word je daar uiteindelijk altijd op de een of andere manier voor afgestrafd.
Deze desinteresse raakt me diep, vooral omdat ik het me zo goed voor kan stellen. Als je telkens heen en weer geslingerd wordt tussen hoop en teleurstelling is het beter om er afstand van te nemen zodat het je minder kan raken. En wat wil je.... jarenlang heeft het Palestijnse volk gestreden tegen hun onderdrukking en voor hun vrijheid en wat hebben ze er tot nu toe voor terug gekregen? Niks.... ze hebben er alleen maar op ingeleverd. Er wordt nog harder tegen ze opgetreden omdat ze durfden te vechten voor hun vrijheid.
Vandaag heb ik een man ontmoet die in de afgelopen 30 jaar van zijn leven aan de lopende band in de gevangenis heeft gezeten omdat hij deel uit maakte van de Palestinian Liberation Organisation.
Het enige concrete wat de Palestijnen hebben overgehouden aan hun verzet is de Palestijnse Autoriteit (PA) en dat is niet bepaald een onzelfzuchtig cadeautje geweest van de kant van de Israelis. Het woord autoriteit is eigenlijk geheel onterecht, er zou beter schoothond kunnen staan. Het woord autoriteit doet ons ten onrechte vermoeden dat de PA controle heeft over de Palestijnse gebieden, in plaats van Israel. Indirect en vaak ook direct maakt Israel nog steeds de dienst uit, zelfs in de door de PA bestuurde gebieden in de Westbank. De berichten die je hoort op het nieuws over de wens om de PA uiteindelijk een zelfstandige staat te geven zijn gebakken lucht, omdat de PA zelf niet eens zelfstandig is van Israel. De PA is opgericht bij de gratie van Israel en om het vuile werk voor de Israelis in de Westbank op te knappen. Eerst moesten de Palestijnen in de Westbank voor allerlei vergunningen direct naar de Israelische autoriteiten. Nu moeten ze naar de PA. Een man vertelde mij vandaag dat een aanvraag voor een bepaalde vergunning geweigerd was door de PA, toen hij vroeg waarom zeiden ze omdat ze daartoe de opdracht hadden gekregen van de Israelische autoriteiten. Israel is dus nog steeds in charge. Palestijnse soldaten van de PA zijn verplicht om hun wapens naar de grond te richten elke keer als er Israelische autoriteiten voorbij komen.
Elke PA-official moet toestemming vragen aan Israel om de Westelijke Jordaanoever te mogen verlaten, zelfs Mahmoud Abbas, de huidige president van de PA. Erger nog; hij woont om de hoek van het hoofdkwartier van de PA en moet de Israelische Autoriteiten elke dag informeren als hij zijn huis verlaat om naar het naastgelegen hoofdwartier te gaan.
De PA kan dus niks betekenen voor de gewone Palestijn. En dat is meteen het dilemma voor de mensen hier. De keuze is tussen corrupt en schijnpolitiek of religieuze en hardliner. Fatah of Hamas, eigenlijk valt er niks te kiezen voor de mensen hier.Israel heeft in de jaren 90 de kracht en mogelijkheden ingezien van de eeuwenoude koloniale verdeel en heers politiek en doet daar nu zijn voordeel mee. Israel heeft belang bij een Palestijns volk dat verdeeld en dus zwak is: Tegen een verenigd Palestijns volk dat samen vecht voor hetzelfde doel. Het spreekwoord ‘samen sta je sterk’ is helaas te waar in deze situatie. Verdeeld ben je nergens, was misschien een nog passendere variatie geweest. Je vais ce que je veux geldt helaas niet in bezet gebied.

woensdag 11 juni 2008

Het zijn net mensen?


Deze titel van het beroemde boek van Joris Luyendijk heb ik nooit helemaal begrepen. Ik zie waar hij heen wilt en ik begrijp het sarcasme, maar toch; waarom zou de bevolking in het Midden Oosten niet menselijk zijn? Kennelijk vindt hij het zo’n bijzondere conclusie dat hij het tot de titel van zijn boek heeft gebombardeerd.
Zelfs nu ik een weekje heb rond geparadeerd in dit conflict gebied waar hij jarenlang verslaggever is geweest zie ik het niet heel anders. Integendeel, naar mijn idee komt ‘menselijker dan dit vindt je ze niet’ beter in de buurt.
Waar mensen in ons land vaak nogal mat en afgezwakt over komen, lijkt het conflict en de situatie hier het hele scala aan menselijke eigenschappen naar boven te halen. In één week heb ik hier meer soorten emoties waargenomen bij mensen die ik amper kende dan in Nederland misschien in een heel jaar, of in ieder geval in een maand. Blijdschap, verdriet, woede, geluk, angst, opluchting, twijfel, begrip, verbitterdheid, passie, onzekerheid, liefde, jaloezie.
Het is ongelovelijk hoe mensen hier in het leven staan, zeker als je kijkt naar de situatie waarin hun leven zich bevindt. Stiekem vraag je je af of er een direct verband is tussen de levendigheid van deze mensen en de hardheid van hun bestaan. Zou het zo zijn dat een zwaar leven meer in een mens naar boven haalt? Zonder dieptepunten geen hoogtepunten wordt er wel eens gezegd, maar toch durf ik er niet al te stellig over te zijn. Food for thought zogezegd.


Wat mij wel erg opvalt is dat mensen hier anders met elkaar omgaan. Ik heb tot nu toe al een paar keer gehad dat ik op straat met mensen in gesprek ben geraakt, die als het ware recht door je heen lijken te kijken en zien wie je echt bent, met al je zwakheden. Een vreemde vorm van toeval dacht ik eerst, dat kan overal gebeuren. Toch denk ik dat het te maken heeft met dat mensen hier echt contact met je maken, ze kijken je aan. In onze Westerse maatschappij hebben we amper tijd voor echt contact en zeker niet met vreemden, hooguit vrienden en familie. Op straat en vooral ook in het openbaar vervoer kijken mensen elkaar amper aan, alsof het een hoofdzonde is waar de doodstraf op staat. We kijken langs elkaar heen en gaan gehaast onze weg. En zelfs als we kijken, zien we niet (uit schaamte, angst, onwennigheid?).
Zowel in Jeruzalem als Ramallah ga je niet ongezien over straat, zeker niet als vrouwelijke blonde “toerist”. Wat niet iets negatiefs betekent. Afgezien van bepaalde souvenir verkopers die je in hun winkel proberen te lokken, wat baldadige kinderen (die je overal ter wereld hebt), heb ik alleen maar positieve ervaringen.


Behalve dan die ene vreemde ervaring die ik vandaag had met een obsessieve Ramallanees. Ik liep richting ‘huis’ en opeens kwam er een jongen naast me lopen. Na twee zinnen gebroken Engels begon hij in het Arabisch tegen me aan te ratelen. Na vriendelijk gevraagd te hebben of hij ook Engels sprak (btah kee Ingleezjee?) en minimaal 10 keer gezegd te hebben dat ik echt, echt geen Arabisch sprak, gecombineerd met een aantal wanhopige schouderophalingen was het kwartje nog steeds niet gevallen. Hij was ook wel een beetje het type sneu geval. Ik liep een winkel in om een blocnote te kopen en toen ik de winkel uit kwam dook hij vanuit het niets weer op, nog steeds druk pratend, overtuigd dat ik hem wel moest begrijpen.
Hij maakte me duidelijk dat ik mee moest lopen naar een of andere kiosk en rende voor me uit, ik besloot deze mafkees maar te laten gaan en door te lopen. Na nog geen twee minuten kwam hij al weer aangerend met een flesje water in zijn handen. Hij reageerde lichtelijk geirriteerd toen ik het weigerde.
Daarna bleef hij maar naast me lopen, of liever gezegd voor me. Ik heb nog nooit iemand van voren zien achtervolgen en geloof me het was een vreemd gezicht. Het leek wel alsof hij ogen in zijn rug had want waar ik links moest, ging hij automatisch ook links. Op een gegeven moment volgde hij mij aan de overkant van de straat en vanuit het niets stond hij weer voor mijn neus: I love you. Een record poging ‘houden van’ voor het Guiness Book of Records als je het mij vraagt. Uiteraard was ik het toen wel zat en aangezien ik toch net wilde vragen waar de organisatie zat waar ik naar op zoek was, sprak ik een man aan op straat.
Hij bleek amper Engels te spreken, maar haalde zijn zus erbij. Al snel kwam mijn kaart uit mijn tas en bleek dat ik om een reden die ik nu nog steeds niet begrijp helemaal verkeerd zat.
Ik moest een kilometer of 4 verderop zijn. Dit was rond een uur of vier ’s middags, uiteindelijk was ik om kwart voor een ’s nachts thuis. Wat gebeurde was een schoolvoorbeeld van Palestijnse gastvrijheid. Na onderlinge gesprekken over de locatie, zei de man dat zijn zus mij wel zou brengen met de auto. Niet nadat ik het visitekaartje van zijn bodybuilding organisatie had ontvangen en me op het hart gedrukt werd dat als ik ooit nog iets nodig had ik zeker moest bellen.
De zus heette Rima en was een echte Tante Nel, met bijpassende tuf-tuf auto die precies op de juiste momenten presteerde, ik heb nog net niet gekeken of er in het ‘handschoenenvakje’ ook een zakje snoepjes lag. Behendig en rokend, manoeuvreerde ze door het chaotische en ongereguleerde (maar juist daarom geweldige) Palestijnse verkeer, waar de volle breedte van de weg en de claxon uitvoerig gebruikt worden, om de uit het niets overstekende en op de weg lopende mensen te ontwijken.
Kaartlezen was niet haar sterkste punt en daarom stopten we meerdere malen om de weg te vragen. Toen we uiteindelijk een richtingbordje zagen, van de organisatie waar ik naar op zoek was, was ze ervan overtuigd dat het niet de juiste organisatie was, ondanks dat ik haar meerdere malen verzekerde dat dat het wel was. Dus tuften we vrolijk door om bij een organisatie aan te komen die uiteindelijk niet veel met mijn onderzoeksonderwerp te maken had. Dit moest het zijn en uit beleefdheid en omdat tegensputteren niet veel hielp gingen we daar naar binnen. We werden ontvangen door ontzettend vriendelijke mensen die ons inderdaad vertelden dat dit niet de juiste organisatie was, maar ons wel konden wijzen waar het wel was. Precies op de plek waar we eerder het bordje hadden zien staan, maar ik vond het zo aandoenlijk dat ik mijn “kritische geluiden” voor me hield. Omdat ze het bordje niet goed kon lezen stapte ze uit de auto die midden op de weg voor een stoplicht stond: Geen enkel probleem in Palestina.
Uiteindelijk heeft ze me door heel Ramallah rondgereden en de precieze locaties van verschillende organisaties laten zien. Toen we ergens voor een stoplicht stonden te wachten, schoot haar te binnen dat 50 meter terug het huis was van Hanan Ashrawi. Haar op haar woord geloven was natuurlijk niet genoeg en midden op de redelijk drukke weg reed ze recht achteruit zodat ik het huis met mijn eigen ogen kon zien. Ik stond werkelijk perplex van al de moeite die deze vrouw voor mij nam, heel bijzonder.
Vlakbij de laatste plek die we bezochtten vroeg ze of het ik erg vond om even haar vriendin bij een schoenenwinkel gedag te zeggen. Natuurlijk had ik weinig bezwaar, zeker na alles wat deze vrouw voor mij gedaan had en even werd uiteindelijk een paar uur. De vriendin Ellen (correcte spelling niet gegarandeerd) was ontzettend sympathiek en intelligent en de schoenenwinkel zelf was een inloopplek voor allerlei bekenden die even een praatje kwamen maken.
Tegen een uur of zeven, acht was het tijd om de winkel te sluiten en nodigde Ellen ons thuis uit om bij haar te komen eten. Haar broer, die uit de VS op bezoek was, kwam uiteraard ook mee. Rima stond erop dat ik bij haar in de auto in stapte, zodat ze me eerst kon laten zien waar haar huis was, zodat ik het wist te vinden als ik iets nodig had.Het eten bij Ellen thuis was heerlijk, echt Palestijns en natuurlijk veel te veel. Na het eten was het tijd voor de meest politiek incorrecte discussies (althans volgens Nederlandse standaard) met Ellen en haar broer. Rima en de moeder van Ellen hielden zich een beetje beduusd afzijdig. Later vertelden ze dat de moeder oorspronkelijk uit Jaffa komt (de Palestijnse stad waar Tel Aviv tegenaan en overheen is gebouwd.). In 1948 is zij vanuit deze plek komen lopen naar Ramallah, verdreven door joodse strijdkrachten. In mijn tweede bericht had ik het over het vreemde aanzicht van Tel Aviv en de vreemde gewaarwording van de buitenlandse invasie. Hier is de persoonlijke tegenhanger van mijn verhaal, die de harde realiteit van mijn filosofische gedachten laat zien. Het gezicht en het mens die je laten ervaren dat het echt gebeurd is. Een oud gebroken vrouwtje met een trieste, berustende blik in haar ogen. Ik durf haar niet te vragen hoe het voor haar voelt om na 60 jaar nog steeds niet terug te kunnen naar haar geboortegrond, al is het maar om er even rond te kijken. Of hoe het is om nooit naar het strand en de kust te kunnen als je aan de kust opgegroeid bent (voor mij persoonlijk een ondenkbare gedachte). Haar zoon verteld ondertussen vrolijk dat hij van plan is om overmorgen naar Tel Aviv te gaan, lekker naar het strand. Hij wel, maar hij heeft dan ook een Amerikaans paspoort...

zondag 8 juni 2008

Terrorisme of Bezetting?

In een van mijn andere berichten had ik het er al over dat in het nieuws de ware aard van dit conflict nooit goed naar boven wordt gebracht. De bezetting is grotendeels onzichtbaar in de nieuwsberichten van alle journaals en vaak ook kranten. De oorzaak hiervan is vaak pragmatischer dan je zou denken. Er is niet altijd kwade wil in het spel, maar vaak heeft het te maken met efficientie, tijdsdruk, een bepaalde luiheid misschien en natuurlijk ook met geld. Tijd is geld en journalisten moeten presteren onder hele grote druk. De Israelische pr-machine is erg goed georganiseerd en levert aan de lopende band duidelijke en goed bruikbare press releases aan. Vandaar dat het opvalt, als je goed naar het nieuws kijkt, dat Israelische termen en benoemingen vaak worden overgenomen zonder daar vragen bij te stellen. Een paar voorbeelden:

- Als Israel de Palestijnen aanvalt wordt dit heel vaak een reactie of repressaille genoemd. Deze term is veel neutraler en raakt je veel minder als de emotioneler term aanval (of termen als bloedige aanslag, terreuractie etc. die voor Palestijnse acties worden gebruikt). Vaak gaat het nog verder doordat de precieze Palestijnse aanval wordt genoemd waar Israel op 'reageert'. Woorden als gewelddadig, verschrikkelijk, terreur, illegaal, worden amper gebruikt voor Israel, in tegenstelling tot Palestijnse acties.

- Het Israelische leger wordt vaak genoemd bij zijn officiele naam: Israeli Defence Forces. Het Israelische verdedigingsleger. Deze naam is zwaar misleidend. Kan je wel van verdedigen spreken als een land op het grondgebied van een ander opereert? Laat staan als een dergelijk staatsleger buiten zijn eigen grondgebied met grof geweld een andere bevolking systematisch onderdrukt?

- De vijanden van Israel (vooral Hamas en Hezbollah, omdat de Palestijnse Fatah beweging helaas tot een corrupt schoothondje van Israel is geworden, die zijn handen door Israel heeft laten vastbinden in ruil voor 'het recht' om met Israel over vrede te onderhandelen) worden vaak aangeduid als terroristen, terwijl een term als verzetsstrijders natuurlijk ook toepasselijk is. Israel noemt Hamas steevast een terroristische organisatie, omdat het geen officieel leger is en burgers aanvalt. Israel veroorzaakt zelf vele malen meer burgerslachtoffers en staat de Palestijnen uiteraard niet toe een eigen leger te hebben. De Palestinian Authority, opgericht na de Oslo vredesbesprekingen, heeft zelfs de bijzondere taak om de veiligheid van de Israelische bezettingsmacht te waarborgen in de bezette gebieden. Als je niet meteen begrijpt hoe hypocriet dit is dan moet je eens proberen voor te stellen dat in Nederland de Duitse bezetter de Nederlandse verzetsbeweging zou hebben opgedragen de veiligheid van de Duitsers in Nederland te waarborgen in ruil voor een klein stukje zelfbestuur. Helaas heb je als zwakke partij in onderhandelingen vaak niet veel in te brengen, zeker als de zogenaamd neutrale bemiddelaar de beste bondgenoot van je vijand is (de VS steekt zijn liefde voor Israel niet onder stoelen of banken, dus dit is niet een hele radicale conclusie). Het resultaat: take it or leave it situaties, waar de Palestijnen word verweten geen vrede te willen omdat ze totaal onacceptabele voorstellen hebben moeten afwijzen (Camp David onderhandelingen in 2000) .

Een ander groot manco in de nieuwsberichten over dit conflict is de afwezigheid van context. Nieuwsbulletins duren vaak maar een paar minuten en er is helaas niet veel tijd om dingen expliciet uit te gaan leggen. Hierdoor gaat vaak essentiele informatie verloren, waardoor mensen thuis niet kunnen begrijpen wat er aan de hand is. Een standaard nieuwsbulletin laat gewelddadige scenes zien waar Palestijnen Israeliers aanvallen of andersom, hoogtens word er verteld dat Israel een vergeldingsactie uitvoert voor een eerdere Palestijnse aanval of iets dergelijks. De grote afwezige factor is een verklaring waarom de Palestijnen geweld gebruiken, waarom zijn ze zo kwaad? En weer noem ik de systematische onderdrukking van de Palestijnen, de bezetting. Situaties waar wij in Nederland heel moeilijk een beeld kunnen vormen. Ik zal later wat meer in gaan op wat bezetting inhoudt (ik ben zelf net in Ramallah= bezette Westelijke Jordaanoever en mijn ervaringen zullen volgen). Maar denk bijvoorbeeld aan het slopen van huizen, vaak met de bewoners er nog in, om plaats te maken voor Israelische nederzettingen op Palestijns gebied. Denk aan de vernederingen bij checkpoints die zijn opgeworpen tussen Palestijnse dorpen en steden. Probeer je eens voor te stellen hoe het zou zijn om daar in het stof te moeten bevallen omdat de soldaten je niet doorlaten naar een ziekenhuis. Hoeveel zwangere vrouwen zouden nou echt terroristen zijn? En waarom zou een zelfmoordaanslag plaats vinden in een nabijgelegen Palestijns dorpje? Want deze checkpoints verhinderen niet de doorgang naar Israel maar naar nabijgelegen Palestijns gebied. Stel je voor dat je je ouders die in een dorp verderop wonen niet meer kan bezoeken zonder geldige reden. En wat voor ons als een geldige reden in aanmerking komt is dat voor het Israelische leger zelden. De film Checkpoint van Yoav Shamir geeft een heel schrijnend en duidelijk beeld van de realiteit van de checkpoints in de bezette West Bank. Type op Youtube "checkpoint part 1" in en je krijgt een goed beeld van wat ik hier vertel.

Ik schrijf dit stuk om te laten zien dat dit conflict zowel meer is dan terrorisme. Zoals ik eerder al zei zie ik de bezetting als het grote probleem. Maar hoe meer ik er eigenlijk over nadenk, hoe meer ik besef dat dit niet klopt.
Het ware probleem tussen Israel en de Palestijnen is groter als bezetting en groter als het conflict. Het conflict dat nog steeds aan de gang is, is eigenlijk gewoon een uiting van het ware probleem, een verschrikkelijk symptoom...
Hoe meer ik met mensen praat, hoe meer ik begin te beseffen dat het eigenlijk allemaal om apartheid draait. Racisme, haat en exclusiviteit. Het idee van Israel als joodse staat en dat alles in het werk gesteld moet worden om dit joodse karakter te behouden. Wij zijn anders en superieur en kunnen niet met jullie samenleven. Wij hebben recht op dit land en jullie niet. In een duizenden jaren oud religieus geschrift staat dat wij recht hebben op dit land en daarom moeten jullie weg... over religieus extremisme gesproken, Israel verwijt Hamas dingen waar het zichzelf aan schuldig maakt.
Niet alleen in de Palestijnse bezette gebieden worden Palestijnse mensen onderdrukt, ook de Palestijnen die in Israel wonen worden gediscrimineerd en als tweederangs burgers behandeld. 20% van de bevolking van Israel is Palestijns, of zoals de Israelische term luidt 'Arabische Israelis' (want er bestaat natuurlijk niet zoiets als het Palestijnse volk volgens Israel). In de afgelopen dagen heb ik met een aantal Palestijnen in Jeruzalem gepraat die een Israelisch paspoort bezitten en volgens de wet volwaardig Israelisch staatsburger zijn. De wet kan helaas maar tot een bepaalde hoogte garanties geven en dingen reguleren. Een persoon waar ik mee sprak vertelde mij dat hij een opleiding heeft gehad voor computer engineer. Ondanks dat zat hij in een winkeltje in de Oude Stad hetzelfde werk te doen als zijn ongeschoolde broertje van 15. Ondanks de talenten en vaardigheden van deze persoon wordt hij nergens in Israel aangenomen voor het werk waar hij voor is opgeleid, werkgevers willen geen Palestijnen.
Het werk dat overblijft voor Palestijnen in Israel is zware fysieke arbeid, in de bouw, in de industrie etc. Vrouwen kunnen aan de slag als schoonmaakster, huishoudster en oppas bij joodse Israelis.
De jongen vertelde mij dat hij in de West Bank waarschijnlijk wel aan de slag kon als computer engineer, maar voor een schamel loon van 300 euro. Aangezien hij zijn familie moet helpen onderhouden en deze veel van hem verwacht heeft hij tot nu toe nog nooit kunnen kiezen voor werk dat aansluit op zijn idealen en mogelijkheden. Triest als je bedenkt dat wij in principe kunnen worden en zijn wat we willen. Diep triest als je bedenkt dat dit verhaal een verhaal uit duizenden is en qua zieligheid nog niet eens zo hoog scoort als je het vergelijkt met andere verhalen. Denk bijvoorbeeld aan Gaza, waar 90% van de bevolking werkeloos is en in grote armoede leeft dankzij de belegering en afsluiting van het gebied door Israel (hier rechts staat een blog van Najwa Sheikh Ahmed over het dagelijks leven in Gaza...absolute aanrader). Denk aan al het talent en alle dromen en idealen die hier verloren gaan, ingeruild worden voor diepe verbitterdheid, teleurstelling, woede en onmacht. Ik voel me zo slecht als ik kijk naar mijn eigen luxe positie, het is beschamend. Ik kan me niet eens voorstellen hoe het moet zijn om jong te zijn en Palestijns. Ik huur nu een kamer bij een Palestijns meisje in Ramallah. Ik kan gaan en staan waar ik maar wil, ik praat met haar over hoe geweldig ik Jeruzalem vond en dat ik binnenkort naar Bethlehem ga en dan toch maar weer terug naar Jeruzalem en wie weet ik veel waar, want het is allemaal mogelijk. Tegelijkertijd besef ik me hoe lomp ik ben, omdat zij als inwoner van de West Bank niet buiten het gebied kan komen. Er is een vergunningsprocedure die heel ingewikkeld is en heel moeilijk word toegekend. In Jeruzalem kan zij niet zomaar komen.
Het is zo oneerlijk..... je voelt je zo schuldig en machteloos.....

woensdag 4 juni 2008

Jeruzalem


Als ik Jeruzalem zou moeten omschrijven in een paar woorden is het chaotisch, drastisch en religieus. Het is een stad van uitersten en de hoofdprijs in het conflict. Heilig voor alle drie de monotheistische geloven, maar er wordt alles behalve heilig mee omgegaan. In Jeruzalem komt Oost en West samen. Oost Jeruzalem is Palestijns gebied en West Jeruzalem hoort bij Israel. Tot de 1967 oorlog viel Oost Jeruzalem, net als de Westelijke Jordaanoever onder Jordaans bestuur. Totdat Israel het gebied militair ging bezetten. De scheiding tussen Oost en West Jeruzalem viel weg omdat Israel het gebied wilde annexeren. De muur die sinds een paar jaar gebouwd wordt op Palestijns grondgebied is hier een concreet bewijs voor: een heel groot deel van het Palestijns gebied wordt op deze manier afgescheiden van de rest van de Westbank (en dus ook van families, werk, school enzovoort) en bij Israel getrokken, dit geldt ook voor Oost Jeruzalem. Een ander belangrijk bewijs voor dit argument zijn de enorme nederzettingsblokken die op Palestijns land rond Jeruzalem zijn en nog steeds worden gebouwd. Dit gaat keihard in tegen het internationale recht, maar er is niet genoeg druk op Israel vanuit de rest van de wereld om dit een halt toe te roepen.

Sinds 1967 is Israel bezig geweest om Oost Jeruzalem en dan met name de Oude Stad die ook in Oost Jeruzalem ligt te judaiseren; Palestijnse huizen worden vernietigd, straatnaam bordjes in het Arabisch worden verwijderd en vervangen door Hebreeuwse aanduidingen enzovoort.
Als je door de oude stad loopt zie je overal Israelische soldaten, gewapend tussen de Palestijnse bevolking doorlopen.

Je merkt ook dat religie een erg belangrijke rol speelt voor de mensen die hier wonen. Toen ik met de Sherut taxi door Jeruzalem heen reed schrok ik van het grote aantal orthodoxe joden dat ik zag. Het was erg freaky, echt overal liepen mannen met zwarte kleding en grote hoeden, maar ook vrouwen met hoofddoeken (dat is ook verplicht voor orthodoxe joodse vrouwen als ze getrouwd zijn) en afgrijselijke rokken waar Staphorst niks bij is. Maar het meest beangstigend waren toch wel de kinderen. Hele kleine kindertjes die stuk voor stuk als volwassenen gekleed gingen. Jongetjes van misschien 7 jaar oud die bakkebaarden hadden die tot op hun buik kwamen. Keppeltjes overal. Dat klopt niet met het beeld wat wij in het Westen hebben van Israeli's. In onze ogen zijn de Palestijnen de extremisten en de radicaal gelovigen, en de joodse mensen de gematigden westerlingen. Hier in Jeruzalem blijft er weinig van dat beeld over. De Zweedse priester wist mij wel te vertellen dat niet in heel Israel mensen er zo bij lopen. In Jeruzalem woont namelijk een relatief groot aantal extreem religieuze joden. Tel Aviv bijvoorbeeld is het tegenovergestelde. En zo word je confronteerd met de extreme tegenstellingen die er niet alleen bestaan tussen Israeliers en Palestijnen, maar ook tussen Israeliers onderling.

De Palestijnse 'klederdracht' is ook redelijk apart. Het merendeel van de Palestijnen is Moslim en de meeste vrouwen bedekken heel hun lichaam, zelfs de armen zijn helemaal bedekt en dat terwijl het buiten 30 graden is. Maar toch zie je ook veel diversiteit in de manier van kleden. Ondanks dat de vrouwen zich helemaal bedekken zie je bij de meesten toch een zeker gevoel van mode. Mooie kleurige sjaals, glitters en dat soort orientaalse dingen. Toch zie je ook Palestijnse vrouwen lopen die Westers gekleed gaan en opmerkelijk is ook dat zelfs de meest bedekte vrouwen kleine kinderen meeslepen volgens de laatste Westerse mode: korte rokjes en schattige hemdjes. Een hele tegenstelling als je dat vergelijkt met de orthodoxe joden, waar de kinderen een soort mini versie van hun ouders zijn.

Een andere bizarre tegenstelling zie je op straat in de soukh (de Arabische markt), daar liggen namelijk de bh's open en bloot op grote stapels op straat, voor elk wat wils. Je loopt er echt zo tegen aan, en ze worden ook nog eens verkocht door mannen!! Bijna elke vrouw gaat daar bedekt over straat, maar vindt het kennelijk dood normaal om op straat haar bh's te kopen... ietwat vreemd als je het mij vraagt.

Als je in de soukh loopt zie je verder dat heel veel winkeltjes Israelische en Joodse souvenirs verkopen, die soms echt heel radicaal zijn. Zo zijn er volop tshirts verkrijgbaar met teksten als: 'George Bush is Jewish Too' en 'America Supports you Israel' onder een afbeelding met een Israelisch gevechtsvliegtuig. Het meest zieke van dit verhaal is dat heel veel Palestijnse winkeltjes dit soort dingen ook verkopen. Ik was geschokt toen ik het voor het eerst zag en kon er totaal geen begrip voor opbrengen. Gisteren raakte ik toevallig in gesprek met een Palestijnse jongen die een winkeltje had met dit soort 'souvenirs'. Hij vertelde mij dat de meeste touristen die hier komen niks met Palestijnen te maken willen hebben en niet geinteresseerd zijn in Palestijnse souvenirs. Ze komen hier omdat Jeruzalem een heilige stad is en zijn vaak christelijk of joods. Het enige wat ze bereid zijn te kopen zijn natuurlijk dit soort souvenirs en hierop kunnen de Palestijnen de meeste winst krijgen, omdat toeristen hier veel geld voor over hebben. Palestijnse lokale producten verkopen ze vaak tegen de inkoopprijs of iets daarboven om ze uberhaupt te kunnen verkopen. Het ironische van het hele verhaal is dus dat deze zionistische toeristen, die volgens de verkoper vaak een hekel hebben aan Palestijnen, uiteindelijk met hun geld de Palestijnen steunen en hun helpen te overleven en hun families te onderhouden. Op de eerste blik dus walgelijk, maar eigenlijk best grappig en inventief.

Het beloofde land voor beginners


Er wordt vaak gezegd dat de reis er naar toe belangrijker is dan het uiteindelijke doel. Als dat zo is ben ik in ieder geval nog steeds op reis, ookal zit ik nu in een hostel in Jeruzalem dit te typen. Het doel van mijn reis is dan ook niet Jerusalem of welke plek dan ook in de Westbank. Het officiele doel is onderzoek, maar het eigenlijke doel van mijn reis valt niet makkelijk in woorden te verpakken. Na jaren van interesse voor dit conflict en alle narigheid die daarbij hoort is het bijna een logische stap om dit te doen. Ik wil ervaren wat bezetting inhoudt, ookal kan ik daar maar een hele kleine fractie van mee krijgen. Ik wil de mensen zien achter de politiek, ookal laten zij mij misschien niet altijd hun ware gezicht zien. En ik wil vooral ook, en dat is een meer persoonlijke reden, de veiligheid, zekerheid en de gestructureerdheid van Nederland loslaten. Veel mensen in Nederland, en ook ik, houden uit een soort van onbewuste angst te krampachtig vast aan een comfortabele zekerheid. Eigenlijk getuigt dit van weinig respect en wantrouwen voor het leven zelf. Een beetje vertrouwen kan geen kwaad.
De reis tot nu toe was verrassend anders dan ik had gedacht en dan me verteld was. Ik was voorbereid op de meest rigoureuze 'veiligheidsmaatregelen' van Israel, maar uiteindelijk bleek dit een lachertje te zijn. Op Schiphol had ik een zware 100% controle verwacht die verplicht is voor alle vluchten naar Israel. In plaats daarvan ben ik maar om half 6 's ochtends bij Starbucks in de rij gaan staan, om te minste nog ergens te kunnen wachten en de tijd te doden. Toch heb ik liever een Frappiato van Starbucks om de tijd mee te verdoen dan een beveiligingsmedewerker die door mijn ondergoed heen gaat om te kijken of ik een bom bij me heb.
Geen 100% controle in Schiphol dus. Maar, dacht ik, omdat ik een overstap heb in Rome en daar pas op het vliegtuig naar Tel Aviv stap, zal de controle daar wel uitgevoerd worden. Maar in Rome kwam ik ook zonder extra controles bij de gate terecht. Heel vreemd. Kennelijk nemen terroristen met bommen geen vluchten met overstap. In ieder geval erg relaxed voor mij.
Ik merkte eigenlijk aan niks dat ik op weg was naar Israel. Bij de gate in Rome kreeg ik de eerste signalen. Een orthodoxe jood met zwarte hoed stond voor aan in de rij. Hij zag er erg misplaatst uit in deze Italiaanse setting. In het vliegtuig zelf zag ik al snel meerdere mensen die me er aan herinnerden dat dit niet zomaar een vlucht is naar een of andere vakantiebestemming, waaronder drie oude nonnetjes.
Uiteindelijk kwamen we over de Middellandse zee aangevlogen en doemde Tel Aviv langzaam op aan de rand van de zee. Een hele bizarre ervaring voor mij. Na zo veel gelezen en gezien te hebben over Tel Aviv, Israel en de Palestijnse gebieden zag ik het uiteindelijk zelf. Het riep een erg vertrouwd gevoel bij me op alsof ik het allemaal al eerder had gezien.
Maar eindelijk was ik er dan toch zelf, het Midden-Oosten. Maar toen ik uit het raampje van het vliegtuig keek leek het er eerder op alsof ik in een heel warm en droog Frankrijk was. Overal zag ik huizen met rode daken en andere Westers uitziende gebouwen, dat totaal botste met het beeld dat je hebt van het Midden Oosten. Natuurlijk weet je dat Israel een westers land is en dat het er zo uit moet zien, maar het gevoel dat je er bij krijgt als je het ziet is heel bizar. Het leek vanuit de lucht echt op een Westerse invasie en feitelijk is de oprichting van de staat Israel dat ook geweest. Ik probeerde in het landschap tekens te vinden van Palestijnse en Arabische bouwsels en dorpjes, maar ik kon zo snel niets zien. Op dat moment vroeg ik me af hoe het er voor 1948 uit zou moeten hebben gezien vanuit een vliegtuig, voordat Israelische gevechtstroepen alle dorpen hadden uitgeveegd en weggevaagd.
Op het vliegveld aangekomen kwam ik voor het eerst in aanraking met Israel en de gemilitariseerde Israelische maatschappij. Ik zag buiten lantaarnpalen staan. Een lantaarnpaal is natuurlijk het toppunt van een normaal en neutraal voorwerp, dat eigenlijk alleen een praktisch doel dient. Maar in Israel weten ze zelfs deze suffe dingen om te vormen in controversiele voorwerpen die een politiek doel hebben. Elk lantaarnpaal was namelijk voorzien van twee Israelische vlaggen. Ook op de weg van Tel Aviv naar Jerusalem zie je overal vlaggen, kennelijk beseft Israel dat ze dat continu moeten blijven doen om mensen er aan te herinneren dat het land van hun is. Als ze overtuigd waren van de kracht en juistheid van hun claims zouden ze dat toch niet hoeven doen zou je denken.
In de sherut (gedeelde taxi) die ik had genomen naar Jerusalem raakte ik in gesprek met een Zweedse priester. In tegenstelling tot veel Nederlandse christenen, was hij uitgesproken politiek en stak hij zijn solidariteit met het lijden van de Palestijnen niet onder stoelen of banken, en dat erwijl er voor ons een erg orthodoxe joodse man zat. Hij vertelde over Zuid Afrika en dat hij daar veel geweest was tijdens de Apartheid. Hij zei dat je tot geen andere conclusie kan komen als mens dat Israel/Palestina ook Apartheid is en, op basis van zijn eigen persoonlijke ervaringen in beide situaties, vele malen erger dan destijds in Zuid Afrika. Toch is het voor ons Westerlingen heel moeilijk om die conclusie te trekken, een hele emotionele aangelegenheid vaak en dat terwijl we in Nederland geen eens echt weten hoe destructief de bezetting en erbarmelijk de situatie van de Palestijnen is. We roepen dat we het geen Apartheid mogen noemen, terwijl we niet eens weten van alle maatregelen die het rechtvaardigen dat we hier spreken van Apartheid.
Alleen al op die korte weg van Tel Aviv naar Jerusalem zijn er al genoeg aanwijzingen te vinden om te beseffen dat het label Apartheid niet alleen toepassellijk is, maar eigenlijk ook de enige juiste benaming. We reden met de Sherut over een weg die alleen toegankelijk is voor Israeli's en niet voor Palestijnen. Ik ging er naief vanuit dat er dan wel bordjes zouden staan met verbodsborden voor Palestijnen, maar die staan er niet. Palestijnen moeten gewoon weten dat ze niet op die weg mogen, anders komen ze serieus in de problemen. Zover ik kon zien was er geen bijzondere situatie waardoor het te verdedigen valt dat Palestijnen geen gebruik mogen maken van deze weg. Het was gewoon een weg. Maar wel een weg die door Palestijns gebied liep en die aan beide kanten omringd werd door Palestijnse dorpjes die nu afgesloten zijn van elkaar en van een behoorlijke infrastructuur.
Ook ben ik op die korte rit mijn eerste 'roadblocks' tegen gekomen. Op een gedeelte van de weg waren alle afslagen gebarricadeerd met enorme betonnen blokken. Deze afslagen leidden vroeger naar Palestijnse dorpjes. Nu hebben deze mensen geen toegang meer tot de weg en de zijn afgesloten van een goed geasfalteerde toegangsweg tot hun dorp. Natuurlijk hoef ik niet uit te leggen dat er niet zoiets bestaat als een Palestijns terroristen dorp en dat deze maatregelen niks met (Israelische) veiligheid te maken hebben. In die dorpen wonen gewone mensen en het geheime doel van Israel is zoveel mogelijk mensen en dorpen te isoleren om zoveel mogelijk land te pakken en te hopen dat de Palestijnse bewoners hun heil ergens anders gaan zoeken.